De verleidelijke wapenindustrie

Nederlands Dagblad 6 september 2008

door Maarten Vermeulen

Eventjes leek het de goede kant op te gaan met de strijd tegen wapenhandel. Grote Nederlandse beleggers, waaronder pensioenfondsen, laten wapenfabrikanten steeds vaker links liggen, meldde de Vereniging van Beleggers voor Duurzame Ontwikkeling deze week. Onzin, stelt de Campagne tegen Wapenhandel, want pensioenfondsen stoppen nog steeds op grote schaal geld in de wapenindustrie. ,,En ze zijn niet van plan daar verandering in te brengen.’’

 De eerste vraag was wanneer de Campagne tegen Wapenhandel zichzelf opheft, maar dat is misschien wat voorbarig.
,,Wij zijn nog niet klaar met onze campagne tegen de pensioenfondsen’’

 Is er ook geen reden voor een heel klein feestje?
,,Het goede nieuws is dat pensioenfondsen massaal uit de productie van clusterbommen en landmijnen zijn gestapt. Er bestaat blijkbaar een gevoeligheid voor morele argumenten. Vorig jaar is er veel om te doen geweest en keerde de publieke opinie zich tegen dat soort investeringen. Maar voor de rest is er niks verandert, nog steeds gaat er veel geld naar andere onderdelen van de wapenindustrie.’’

Wanneer bent u tevreden?
,,Wij willen dat ze stoppen met investeren in bedrijven die betrokken zijn bij de fabricage van clusterbommen, landmijnen, kernwapens en wapens met verarmd uranium. En dat ze geen geld stoppen in ondernemingen die meer dan vijf procent van hun omzet uit militaire productie halen.’’

Je zou niet verwachten dat de Campagne tegen Wapenhandel vijf procent wel acceptabel vindt.
,,Wat ons betreft zou het nul moeten zijn, maar het moet wel werkbaar blijven voor de beleggers. Er zijn nu eenmaal bedrijven die een heel klein deel van hun omzet halen uit militaire opdrachten. Neem een fabriek die schroefjes levert voor deuren in militaire vliegtuigen of een drukker die gebruiksaanwijzingen maakt voor wapens. Dan kun je eindeloos doorgaan met actievoeren.’’

Zijn er veel bedrijven die behalve civiele spullen ook wapens maken?
,,Zo werken vrijwel alle grote wapenfabrikanten. Vliegtuigbouwer Boeing maakt de veelgebruikte Hellfire-raketten, British Aerospace ontwikkelt een nieuwe nucleaire raket voor het Britse en Franse leger en Lockheed Martin fabriceert clustermunitie. De lijst is heel lang. En je kunt niet alleen in het civiele deel investeren, want het geld wordt niet gescheiden.’’

 U stelt dat pensioenfondsen gevoelig zijn voor morele argumenten. Zijn ze niet gewoon bang voor een slecht imago?
,,Dat imago zal wel een rol spelen maar tegelijkertijd hebben ze geen aandeelhouders die dwarsliggen. Mensen kunnen ook niet boos weglopen als ze in een pensioenfonds zitten. Dat is een groot probleem: deelnemers hebben nauwelijks zeggenschap over wat er met hun geld gebeurt. Dan komt het toch weer neer op morele gevoeligheid van de fondsen zelf.’’

Clusterbommen en landmijnen spreken tot de verbeelding, maar bij onderdelen voor vliegtuigen of communicatieapparatuur wordt het al snel abstract.
,,Hightech wordt steeds belangrijker in de wapenindustrie en Nederland is daar heel goed in. Wapensystemen zitten vol met dure hoogstaande techniek en dat legt een groot financieel beslag op arme landen. In dat opzicht is het waar dat wapens ook slachtoffers maken zonder oorlog: met dat geld kun je veel andere dingen doen. En het wordt nog ingewikkelder als je moet uitleggen dat Nederland vaak onderdelen levert voor wapens die ergens anders worden gebouwd. Tegelijkertijd ligt daar voor ons een groot probleem: die onderdelen zijn aan minder exportcriteria onderhevig omdat ze op zichzelf weinig kwaad kunnen, terwijl iedereen weet waarvoor ze uiteindelijk gebruikt worden.’’

Hoever reikt de verantwoordelijkheid volgens u?
,,Een fabrikant weet toch aan wie de spullen verkocht worden? Dan is het een kleine moeite om te informeren wat er uiteindelijk mee gebeurt. Vanuit Nederland worden kleine schepen verkocht aan buitenlandse marines, zonder enige belemmering omdat er geen wapens zijn gemonteerd. Maar er zijn wel allerlei verstevigingen aangebracht voor die wapens. Als de afnemer een marine is, moet je goed kijken of het wel zuivere koffie is.’’

Maar als er iets verkocht wordt aan een net en beschaafd land is er toch niets aan de hand?
,,Wapenexporten naar een andere lidstaat van de Europese Unie krijgen automatisch een vergunning. Dat land moet maar controleren waar het spul uiteindelijk naartoe gaat, vindt de overheid. Vaak blijkt dat andere landen, zoals Spanje of Frankrijk, vervolgens veel makkelijker exportvergunningen afgeven dan Nederland. Onderdelen voor F16’s mogen zonder belemmering worden uitgevoerd naar de Verenigde Staten, die ze vervolgens over de hele wereld exporteert.’’

Afgelopen jaar steeg de opbrengst van de wereldwijde wapenverkoop met zes procent tot 860 miljard dollar. Zet een strenger Nederlands beleid dan wel zoden aan de dijk?
,,Vergis je niet, als het gaat om financieel volume bezet ons land de vijfde plaats in de wapenhandel. Dat komt omdat we heel dure dingen verkopen en de afgelopen jaren een paar grote marineorders hebben binnengehaald. Ook de verkoop van tweedehands materiaal tikt  aan, we stoten veel materiaal af om onze eigen krijgsmacht betaalbaar te houden. Vooralsnog groeit het Nederlandse aandeel in de wereldwijde wapenexport.’’

 Zijn Nederlandse wapens gewild?
,,De techniek die een bedrijf als Thales levert, behoort tot de top van de wereld en de schepen van de Schelde werf zijn erg goed. (Bovendien is de eigenaar van deze werf, Kommer Damen, een heel goede zakenman die overal binnen weet te komen.) Wat ook meespeelt is de zekere financiering in de vorm van goedkope kredietverzekeringen die de overheid biedt. Die worden betaald uit een potje dat bedoeld is om de export van goederen te bevorderen naar landen die economisch en politiek instabiel zijn. Als de een leverancier door omstandigheden zijn geld niet krijgt, neemt de Nederlandse staat de vordering over. Twintig tot dertig procent van het geld uit deze pot wordt gebruikt voor wapenexport. Dat betekent dus dat er spullen worden geleverd aan landen die het zich eigenlijk niet kunnen veroorloven.’’

 Wapenhandel roept associaties op met geheimzinnige kratjes die in vrachtwagens worden geladen. Hoe ziet de werkelijkheid eruit?
,,Die kratjes bestaan echt, vooral in de illegale markt. Daarnaast worden overal ter wereld gelikte beurzen georganiseerd waar allerlei wapens worden gepresenteerd. Vertegenwoordigers van de Nederlandse overheid bezoeken die beurzen ook, soms wordt een fregat ter beschikking gesteld als showmodel. Het is een soort Auto RAI voor wapens, compleet met hapjes, heupwiegende dames en testritjes in simulatieapparatuur.’’

 Ondanks alle kritiek is de handel in wapens kennelijk onweerstaanbaar voor mensen. Hoe komt dat?
,,De winsten zijn gigantisch en de corruptie is groot. Volgens schattingen heeft de helft van alle corruptie in de wereld te maken met wapenhandel. In Zuid-Afrika speelt momenteel een grote zaak: direct na de afschaffing van de apartheid deed het ANC grote wapenaankopen terwijl het leger aangaf dat die spullen helemaal niet nodig waren. Nu blijkt dat enorme bedragen zijn verdwenen in de zakken van betrokken regeringsfunctionarissen. En de ‘partners’ in Duitsland, Engeland, Frankrijk en Zweden worden nauwelijks aangepakt.’’

 Maar het zal de Nederlandse overheid toch niet om steekpenningen te doen zijn?
,,Een sterke wapenindustrie is ook een zaak van prestige. Je neemt daarmee een bepaalde positie in op het militaire ‘beslisterrein’. Je ziet ook dat veel landen hun wapenfabrikanten beschermen. Heel veel verdragen en EU-akkoorden gelden niet voor de wapenhandel. En wie wapens koopt, koopt aanzien. Neem Marokko, dat plannen heeft om fregatten en F16’s aan te schaffen. Met die boten en vliegtuigen mogen ze straks meedoen met NAVO-oefeningen op de Middellandse Zee.’’

Wendela de Vries (44) is van oorsprong politicoloog en nu als onderzoeker verbonden aan de Campagne tegen Wapenhandel, voortgekomen uit de Vredesbeweging. Jaarlijks publiceert de lobbygroep ongeveer acht rapporten over wapenhandel. Met deze onderzoeken wil de Campagne tegen Wapenhandel met name Tweede Kamerleden oproepen het regeringsbeleid streng te controleren. Ook levert de campagne regelmatig kritiek op overheidssteun aan wapenfabrikanten.