Van Anraat veroordeeld tot zeventien jaar cel

(De Pers - Jorien Beukers - 17 mei 2005)

Zakenman Frans van Anraat is woensdag in hoger beroep veroordeeld tot 17 jaar cel vanwege zijn hij medeplichtigheid aan oorlogsmisdaden in Irak. Het Openbaar Ministerie (OM) had vijftien jaar cel tegen de Nederlandse zakenman geëist. Van Anraat werd door het gerechtshof in Den Haag vrijgesproken van medeplichtigheid aan volkerenmoord. De zakenman gaat tegen de uitspraak in cassatie.

Van Anraat werd anderhalf jaar geleden al tot vijftien jaar cel veroordeeld voor medeplichtigheid aan oorlogsmisdrijven, maar justitie wilde hem ook veroordeeld zien voor volkerenmoord.

Het hof achtte woensdag bewezen dat de 64-jarige Van Anraat chemische stoffen heeft geleverd aan het regime van de vorig jaar geëxecuteerde Iraakse dictator Saddam Hoessein. Deze chemische stoffen zouden zijn gebruikt voor de productie van mosterd- en zenuwgas. Hiermee roeide Hoessein eind jaren tachtig meer dan honderd Koerdische dorpen in Noord-Irak uit, waarbij tienduizenden doden vielen, zo staat in het vonnis.

Volgens het gerechtshof wist Van Anraat dat de chemische stoffen werden gebruikt voor het vervaardigen van gifgas, en was hij er zich van bewust dat dit gas tegen de Koerden zou worden ingezet. Verder was een hogere straf op zijn plaats omdat de Nederlandse zakenman 'uitsluitend uit grof winstbejag en met volstrekt negeren van de gevolgen van zijn handelen' te werk ging. Hij leverde een bijdrage aan een 'omvangrijke en uiterst grove schending van het internationaal humanitair recht door de Iraakse overheid'. Daarbij nam het hof in aanmerking dat hij 'op geen enkele wijze blijk van schuldbesef of deernis met de slachtoffers' heeft getoond.

Het hof sprak Van Anraat vrij van medeplichtigheid aan genocide. Volgens het gerechtshof zijn er 'krachtige aanwijzingen' dat de Iraakse leiders bij hun aanvallen in Noord-Irak 'een genocidaal oogmerk' hadden. Maar het hof achtte niet bewezen dat Van Anraat daarvan op de hoogte was.

De Verenigde Staten beschuldigden Van Anraat in 1989 van overtreding van het exportverbod dat gold voor Irak. Italië, waar de zakenman verbleef, weigerde echter om Van Anraat uit te leveren aan de VS en sprak hem vrij. Voordat die vrijspraak werd teruggedraaid in hoger beroep, vluchtte Van Anraat naar Irak waar hij onder bescherming van Saddam Hoessein leefde. Na de Amerikaanse inval in dat land in 2003 vluchtte hij via Syrië naar Nederland, waar hij opnieuw werd gearresteerd.

'Nederland stond leveranties toe'

Volgens de stichting Campagne tegen Wapenhandel moet de zaak tegen Van Anraat veel breder gezien worden.  De stichting meent  dat de Nederlandse overheid in de jaren tachtig willens en wetens weinig heeft gedaan om leveringen door Nederlandse bedrijven aan het gifgasprogramma van Irak te voorkomen.

Ook na het instellen van exportbeperkingen zouden Nederlandse bedrijven gifgasgrondstoffen aan Irak hebben kunnen leveren, schrijft de stichting in een gisteren gepubliceerd rapport. "De bedrijven wisten zich moreel gesteund door het ministerie van Economische Zaken, dat handelsbelangen vond prevaleren."

De Campagne tegen Wapenhandel pleit daarom voor een grootschalig onafhankelijk onderzoek naar de betrokkenheid van overheid en bedrijfsleven bij de export van chemicaliën naar Irak in de jaren tachtig.