Private militaire sector rukt op in Nederland

Sargasso.nl, 13-01-2011 Een gastbijdrage van Mark Akkerman van de Campagne tegen Wapenhandel.

Er is een snelle groei van het aantal Nederlandse bedrijfjes dat diensten aanbiedt in de private militaire en veiligheidssector, de zogenaamde PMSCs (private military and security companies).

Een bedrijf zoals het omstreden Amerikaanse Blackwater zul je daartussen niet vinden, maar er zijn genoeg ontwikkelingen om je zorgen over te maken.


Een inventarisatie uit openbare bronnen levert ruim twintig, veelal jonge, bedrijfjes op die zich manifesteren met een aanbod van trainingen, al dan niet met wapens, en de bereidheid ingezet te worden voor piraterijbestrijding en risicovolle opdrachten in spanningsgebieden. Ze onderscheiden zich daarmee duidelijk van de traditionele beveiligingssector die diensten levert als de ongewapende beveiliging van objecten en evenementen binnen Nederland.

De door de Israëlische krijgsmacht ontwikkelde vechtsport Krav Maga wordt ook in Nederland steeds populairder. De trainingen in deze techniek schieten als paddestoelen uit de grond. Enkele bedrijfjes hebben ook trainingstripjes naar bakermat Israël in de aanbieding.  Vast onderdeel van de meeste van deze duizenden euro’s kostende trainingen: vuurwapengebruik. Een cursist die deelnam aan een ‘Tour en Training’ van Krav Maga Vught naar Israël, is lyrisch over de schiettraining, die eindigt met ‘Gewoon lekker knallen.’ Gaaf!
Naast Israël wordt voor de in Nederland verboden vuurwapencursussen ook uitgeweken naar Duitsland, Hongarije, Slovenië en de Verenigde Staten. Veel deelnemers aan dergelijke cursussen lijkt het vooral om de kick te gaan, maar er zullen er ook zijn die de training als een opstapje zien naar een baan als private contractor in landen waar ze zonder problemen bewapend rond mogen lopen.

Piraterijbestrijding is een ander gat in de markt. Er worden inventieve manieren bedacht om het verbod op bewapende private inzet te omzeilen. Het door oud-mariniers opgezette bedrijfje ESS&SA levert beveiligingsteams voor schepen, bestaande uit ‘ervaren en strategische gevormde ex-mariniers/commando’s gespecialiseerd in toenemend maritiem geweld’. Om over wapens te kunnen beschikken, is het volgens de oprichters zaak ‘toevallig’ een kist met wapens als lading aan boord te hebben, die op het voorkomend moment geopend wordt ter gebruik voor zelfverdediging. Een mogelijkheid daarvoor is het lokaal inhuren van wapens en die met een exportvergunning aan boord krijgen.

De meeste Nederlandse beveiligingsbedrijven werken uitsluitend binnen Nederland, maar er is een groeiend aantal dat zich richt op beveiliging van objecten of personen in het buitenland, ook in risicogebieden. Onder hen bijvoorbeeld Specops Company, dat naar eigen zeggen actief is in landen als Afghanistan, Congo, Irak, voormalig Joegoslavië en Pakistan.

Er is weinig regulering voor deze, veelal door oud-militairen geleide, bedrijfjes. Steeds meer wordt door hen gemorreld aan de grenzen van het verbod op het dragen van en gebruik maken van wapens door private partijen of worden manieren gezocht om dit verbod te omzeilen. Op activiteiten in het buitenland is nauwelijks controle. Instelling en handhaving van een duidelijk controlemechanisme op deze dienstenlevering, alsmede het starten van een verplichte registratie, is geboden. Uitvoer van diensten van PMSCs zou beoordeeld moeten worden aan de hand van criteria analoog aan die voor wapenexporten.

De inhuur van PMSCs voor het uitvoeren van voorheen overheidstaken heeft internationaal gezien een hoge vlucht genomen, met name in de Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk. Nederland heeft hierin weliswaar een andere positie ingenomen, maar ook de militaire inzet in Afghanistan zou volgens onderzoek van de Adviesraad Internationale Vraagstukken (AIV) – daarin overigens tegengesproken door de regering – niet mogelijk zijn geweest zonder operationele ondersteuning van PMSCs.

De AIV stelde enige criteria voor voor de inhuur van bedrijven door Defensie. De regering nam deze criteria over, maar het is de vraag of deze eenduidig en consequent gehanteerd (kunnen) worden. Bij de inhuur van De door de regering overgenomen criteria uit een advies van de Adviesraad Internationale Vraagstukken (AIV) bieden weliswaar enig houvast bij de uitbesteding van taken door Defensie, maar het is de vraag of deze eenduidig en consequent gehanteerd (kunnen) worden. De inhuur van onbemensde vliegtuigen (UAVs) voor inlichtingenwerk in Afghanistan werd bijvoorbeeld uitbesteed aan het Israëlische Aeronautics Defense Systems, terwijl toenmalig minister Van Middelkoop van Defensie zich eerder duidelijk had uitgesproken tegen privatisering van dergelijke activiteiten.

Voor de opkomst van de private militaire sector die diensten aan Defensie aanbiedt wordt internationaal gezocht naar juridische aansprakelijkheidsmechanismen. Andere wezenlijke bezwaren tegen de introductie van marktdenken bij Defensie, die ondermeer betrekking hebben op ondermijning van het geweldsmonopolie van de overheid en het belang dat commerciële partijen krijgen bij (het voortduren van) conflicten krijgen weinig aandacht.

Op grond van deze bezwaren moet het toenemen gebruik van PMSCs als een zeer ongewenste ontwikkeling beschouwd worden. Serieuze pogingen tot betere regulering verdienen steun, maar  het zou beter zijn volledig af te zien van private militaire inzet.

Download het rapport ‘De opkomst van de nieuwe huurling. Over private diensten in de militaire en veiligheidssector’

http://sargasso.nl/archief/2011/01/13/private-militaire-sector-rukt-op-i...