Dood op krediet
Martin Broek
Klanten voor wapens worden gelokt met aanbiedingen en
financieringspakketten. In Nederland bestaat dat pakket onder andere
uit de exportkredietverzekering van de staat. Dat betekent dat de
overheid de risico's overneemt van de wapenfabrikanten mocht de klant
niet betalen. Niet de producenten maar de belastingbetalers dekken dan
de bedrijfsrisico's. Door het bestaan van de exportkredietverzekering
kunnen landen die niet gelijk kunnen of willen betalen toch wapens
kopen. Uiteindelijk - na het aflopen van de krediettermijn - moeten ze
wel betalen, waardoor de staatschuld toeneemt. Sinds augustus 2002 zijn
in Nederland de polissen voor dit soort kredieten openbaar. Het gaat
daarbij om een groot aantal risicovolle transacties, waaronder die voor
wapenexporten. In het eerste jaar ging het daarbij om wapenleveranties
aan Indonesië, Jordanië, Turkije, Venezuela en Zuid-Korea.
Een defensie-industrie is onderdeel van een soeverein defensiebeleid en
wapenexporten zijn vervolgens van wezenlijk belang voor het overleven
van deze wapenindustrie. Zo heeft zowel de overheid als het
bedrijfsleven belang bij de wapenexport. Wapens worden doorgaans in
kleine hoeveelheden geproduceerd. De onderzoeks- en ontwikkelingskosten
zijn mede daardoor fors. Export verlaagt de omvang van deze
overheadkosten in de prijs van elk afzonderlijk wapensysteem. Er is
echter overaanbod op de wapenmarkt en dat betekent zware concurrentie
om de gunsten van de beperkte klantenkring (vooral overheden) te
winnen. Om klanten over de streep te trekken gaan Koninklijke Hoogheden
op bezoek bij Presidenten en Emirs, maar ook worden financiële
regelingen getroffen. De exportkredietverzekering is een van de
belangrijkste middelen die de overheid heeft om het bedrijfsleven te
steunen. Het gaat hierbij niet alleen om wapens, maar ook om goederen
en werkzaamheden, zoals de aanleg van havens en bijvoorbeeld het
opzetten van een fabriek voor de productie van gelatine.
Exportkredietverzekering
Dit systeem werkt als volgt. Land X bestelt in Nederland een product
bij bedrijf A en zegt op krediet te willen kopen (de Wehkamp-methode).
Zoals Wehkamp niet levert aan adressen in bepaalde buurten, zo hebben
ook commerciële kredietverstrekkers regio's die ze als te onbetrouwbaar
beschouwen. Zo worden land X of deze specifieke levering als een te
groot risico gezien en een commercieel krediet wordt daarom niet
verstrekt. Bedrijf A wil toch zijn product verkopen, maar niet zelf het
risico lopen dat er uiteindelijk niet betaald wordt. Het heeft dan de
mogelijkheid (via zijn bank) om bij de overheid een
exportkredietverzekering aan te vragen. Als de overheid akkoord gaat,
kan de levering plaatsvinden. Het Ministerie van Financiën neemt in
deze constructie de financiële risico's op zich. Het ministerie
besteedt het praktische werk van de Nederlandse Credietverzekering
Maatschappij uit aan de kredietverzekeringsbank Gerling NCM. Bedrijf A
heeft zijn risico afgeschoven en de overheid moet via de NCM het geld
van land X zien terug te krijgen. Het risico wordt - via de schatkist -
op de belastingbetaler afgeschoven. Voor wapenhandelaren en
particuliere banken is dit natuurlijk een prachtige regeling: "Voordat
we geld verstrekken aan een bedrijf, staan we er altijd op dat de
risico's worden gedekt door het Britse
Exportkredietverzekeringdepartement (ECGD). We kunnen niet verliezen,
het is prachtig," aldus een medewerker belast met wapenexporten bij een
Britse bank. Ook het Nederlandse bedrijfsleven is er tevreden over.
Wapenexportbevordering
Het is niet alleen daarom een prachtig systeem voor het bedrijfsleven.
Exportkredietverzekeringen zijn een onmisbaar onderdeel van een grote
wapenleverantie en daarmee een maatregel die wapenexport bevordert. Een
Amerikaanse ambtenaar verklaarde tegen het gerenommeerde weekblad
Defense News bijvoorbeeld: "Wapenverkopen aan Indonesië kunnen niet
zonder een flexibel financieringsprogramma en leningen tegen lage
rente." Een voorbeeld uit de Nederlandse praktijk toont het
doorslaggevende belang aan van een dergelijk financieringsprogramma. In
1986 ketst een Pakistaanse order voor twee fregatten af, omdat de
minister van Financiën weigert een exportkredietverzekering voor de
order te verstrekken. Hij komt daarmee tegemoet aan kritiek vanuit de
Tweede Kamer die de financiële risico's te hoog vindt.
"Exporttransacties komen vaak alleen tot stand als de leverancier of de
bank bereid is aan de koper krediet te verlenen," aldus consultant
PricewaterhouseCoopers in een evaluatie over de
exportkredietverzekering van de Nederlandse overheid. Dit geldt des te
meer voor de handel in wapens. Aangezien de markt voor wapens klein is
en de kosten voor ontwikkeling van wapensystemen steeds hoger worden,
is een agressieve verkooptactiek noodzakelijk en herverzekering bij de
staat is hier een onderdeel van. De Franse exportkredietverzekeraar
COFACE is bijvoorbeeld een belangrijk middel bij het vergroten van de
Franse wapenexporten om de teruglopende binnenlandse wapenaankopen te
compenseren. Zo werd het financiële pakket om Zuid-Afrika wapens te
verkopen opgesteld door een samenwerkingsverband van het Ministerie van
Financiën, commerciële banken en COFACE.
Openbaarheid
De wapenindustrie maakt al jaren gebruik van
exportkredietverzekeringen, maar informatie rond kredieten voor
wapenexporten was tot voor kort schaars in Nederland. Frankrijk, een
land dat niet bepaald bekend staat als voorvechter van transparant
overheidsbeleid, gaf veel meer informatie, evenals Groot-Brittannië.
Uit de gegevens blijkt dat een fors deel van de wapenexporten de grens
overgaat met een exportkredietverzekering. Dit is ook in Nederland het
geval. Sinds een jaar verstrekt de NCM informatie over de in dit kader
verstrekte polissen. Deze openbaarheid is het resultaat van lobby van
de milieu- en ontwikkelingssamenwerkingorganisaties (met name Jubilee
2000). In een door Gerling NCM op het internet geplaatste tabel staan
alle verstrekte polissen vanaf 5 augustus 2002. In deze tabel is
bijvoorbeeld te vinden naar welk land de goederen of diensten gaan. In
het eerste jaar dat deze gegevens openbaar zijn gaat het in acht
gevallen om leveringen aan Ministeries van Defensie in een vijftal
landen.
De acht leveringen zijn goed voor bijna twintig procent van de waarde
van alle verstrekte exportkredietverzekeringen. Terwijl de waarde van
de Nederlandse wapenexporten nog geen 0,2% van de totale Nederlandse
exporten bedraagt. Kortom, voor wapenexporten wordt excessief gebruik
gemaakt van exportkredietverzekeringen.
In totaal gaat het in de periode augustus 2002 - augustus 2003 om een
verzekerd bedrag van 168 miljoen euro voor wapentransacties. Bij een
gemiddelde Nederlandse wapenexport van 500 miljoen euro (1997-2001) per
jaar is dat een derde van het totaalbedrag.
Het is opvallend dat Thales Nederland (met een jaar omzet van ongeveer
300-400 miljoen euro) verzekeringen afsluit ter waarde van 145 miljoen
euro. Een fors deel van de totale omzet.
Leveranties
Zo speelt de overheid een actieve rol in de bewapening van landen waar
mensenrechten door de krijgsmacht met voeten worden getreden
(Indonesië, Jordanië en Turkije). Het leger van Venezuela is ook geen
bron van stabiliteit en ook de leveringen aan Zuid-Korea zijn
opvallend. Niet alleen omdat dit laatste land in een van de
gevaarlijkste spanningsgebieden ligt en de polissen een grote
financiële omvang hebben, maar ook omdat Zuid- Korea niet als een
financieel risicoland gezien kan worden. Het behoort immers bij de
rijke wereld (OESO-lid). Vermoedelijk wordt de exportkredietverzekering
hier ingezet in de strijd om de gunsten van Seoel. In 2002 wordt Thales
Nederland door Lockheed Martin van de Koreaanse markt geweerd. Het gaat
hier om de verkoop van raketschildtechnologie. Om de Goalkeeper niet
ook van de Koreaanse markt te laten verdrijven door het vergelijkbare
systeem van een andere Amerikaanse defensiegigant, de Phalanx van
Raytheon, is de overheid blijkbaar bereid Thales Nederland financieel
een handje te helpen.
Transparency International vreest bovendien dat het gebruik van
exportkredieten leidt tot vergroting van de corruptie. Een vrees die
Nederlandse wapenleveranties uit het verleden aan Indonesië staan
momenteel volop in de belangstelling vanwege de oorlog die plaats vindt
in Atjeh. Desondanks zijn er weer nieuwe contracten afgesproken met
Cilangkap, het hoofdkwartier van het Indonesische leger. De levering
van de korvetten, waarvan de modernisering hier verzekerd wordt, is een
van de meest omstreden wapendeals van Nederland in de afgelopen 25
jaar. Destijds vanwege mogelijke inzet in Oost-Timor. Nu ligt het voor
de hand dat ze ingezet worden bij operaties in Atjeh. Dat Fokker
passagiersvliegtuigen moderniseert lijkt onschuldig. Echter het
vervoeren van militairen wordt doorgaans troepentransport genoemd en
dat is essentieel bij de inzet van het Indonesische leger in de
verschillende delen van de archipel. Indonesia Corruption
WatchTransparancy International deelt. Deze laatste organisatie pleit
ervoor de exportkredietverzekeringen te weigeren wanneer anti-corruptie
gedragscodes in de bestemmingslanden niet worden gehandhaafd. Inzake
Indonesië kan geen twijfel bestaan erover dat ze achterwege blijven.
Tenslotte is Indonesië een land met een omvangrijke staatsschuld.
Regelmatig maakt Jakarta gebruik van exportkredietverzekeringen om
wapens aan te kopen (in 1999 werd door Nederland bijvoorbeeld een
exportkredietverzekering ter waarde van 55 miljoen euro verstrekt).
Uiteindelijk moeten kredieten terugbetaald worden en leiden deze
wapenaankopen tot een verhoging van de staatsschuld. Niet voor niets
heeft de G-7 in juli 2000 besloten om er bij de OESO-lidstaten op aan
te dringen geen exportkredietverzekeringen te gebruiken voor
wapenexporten naar lage-inkomenslanden.
Exportkredietverzekeringen gebruiken als financieel smeermiddel bij
wapentransacties mag dan prachtig zijn voor bedrijfsleven, bankwezen en
de overheid, het gaat ten koste van de veiligheid in het Zuiden.
Exportkredietverzekeringen worden tijdens de behandeling van het
Algemeen Overleg Wapenexportbeleid 2000 in de Tweede Kamer dan ook aan
de orde gesteld. GroenLinks vraagt om meer informatie en de SP is van
mening dat de inzet van deze financieringsmethode bij wapenhandel
gestopt moet worden. Tot nu toe heeft deze aandacht er nog niet toe
geleid dat het verschaffen van dood op krediet is beëindigd.