Frank Slijper, 18 september 2003
Op 4 juni 2002 stemde de Tweede Kamer in met de Nederlandse deelname
aan de ontwikkeling van de Joint Strike Fighter (JSF). De steun van
nieuwkomer LPF - en in het bijzonder ex-defensievoorlichter Mat Herben
- was daarbij van doorslaggevend belang. De volgende dag al zet het
demissionaire kabinet zijn handtekening onder het contract.
Publieksenquêtes, die steeds een duidelijk 'nee' tegen de JSF lieten
zien, negeerde Den Haag onverstoorbaar.
Ruim een jaar na dato blijken de argumenten tegen deelname wel degelijk
hout snijden en groeit de scepsis. Nederlandse orders vallen tegen,
terwijl de ontwikkelingskosten stijgen. Mede door de opmars van de
onbemande gevechtsvliegtuigen is nu al vrijwel zeker dat de Amerikanen
hun geplande afname van 2600 JSF's zullen terugschroeven. Ondanks
miljardenbezuinigingen in eigen land heeft het kabinet Balkenende de
JSF veiliggesteld. De hele gang van zaken rond de JSF staat symbool
voor de Haagse minachting voor wat de kiezer belangrijk vindt.
Was de publieke steun voor het JSF project anderhalf jaar geleden al
gering, de afgelopen maanden is die steeds verder afgekalfd. Dat is
niet verwonderlijk. Juist nu het economisch minder gaat en het kabinet
grootscheepse bezuinigingen heeft aangekondigd is het logisch dat er
weinig draagvlak bestaat voor een miljarden kostend wapensysteem.
Opvallend genoeg is juist onder LPF-stemmers de animo voor de JSF
gering. Maar ook de achterban van regeringspartijen CDA en VVD zien
niets in de JSF.
|
Steun kabinetsbesluit voor
deelname ontwikkeling
JSF naar politieke voorkeur
|
||
|
Februari
2002 |
Augustus
2003 |
|
| CDA |
59
|
38
|
| PvdA |
55
|
19
|
| VVD |
62
|
48
|
| GroenLinks/SP |
21
|
10
|
| LPF |
-
|
10
|
| D66 |
44
|
22
|
| ChristenUnie/
SGP
59 |
59
|
46
|
| B
ron: TNS NIPO, 18 augustus 2003 |
||
Uit de VS komen vanaf het begin signalen die erop wijzen dat de
voordelen voor de Nederlandse industrie flink tegen zullen vallen. Dit
terwijl de voorgespiegelde miljardenorders juist cruciaal waren in het
besluit om nu al voor de JSF te kiezen. Met de inkt van het contract
net droog, verschenen augustus vorig jaar de eerste berichten in de
militaire pers over Amerikaanse bezuinigingen op de JSF. De luchtmacht
had gesuggereerd te willen korten op het onderzoeksbudget van de JSF.
Na een kleine storm door het Pentagon besloot de luchtmacht alsnog
voldoende geld vrij te maken. Het ligt voor de hand dat de komende
jaren opnieuw aan de poten van de JSF gezaagd zal worden. In
Afghanistan en Irak zijn de afgelopen twee jaar voor het eerst
onbemande vliegtuigen ingezet, zowel voor spionagedoeleinden als voor
bombardementsvluchten. In Jemen liet de CIA een auto met vermeende
terroristen opblazen door een met Hellfire-raketten uitgerust onbemand
vliegtuigje. Sindsdien figureert de 'UCAV' (Unmanned Combat Aerial
Vehicle) prominent in de defensiebladen. Het 'ouderwetse'
gevechtsvliegtuig met piloot zal niet direct bij de vuilnis worden
gezet, maar krijgt de komende jaren zeker grote concurrentie. De JSF
zal daar waarschijnlijk het meest last van krijgen.
Van de elf miljard dollar die de Nederlandse industrie zou gaan
verdienen aan de bouw van onderdelen voor de JSF is tot nu toe weinig
terecht gekomen. De teller staat momenteel op 95 miljoen dollar. Hoewel
belanghebbenden verzekeren dat de bulk van de orders pas komt als de
eerste bestellingen worden geplaatst, is het tekenend dat op Stork en
Philips na, amper een bedrijf positief is over het verloop. Thales
Nederland - het voormalige HSA, tevens Nederlands grootste
wapenproducent - heeft tot nu toe geen enkele order ontvangen. Ook de
veelgenoemde technologische innovatiekracht die van het wapenproject
uit zou gaan is beperkt en vooral eenrichtingsverkeer. De Amerikanen
halen graag de nieuwste snufjes uit het buitenland binnen, zonder zelf
iets prijs te geven. De technologische winst voor het Nederlandse
bedrijfsleven is vooral te danken aan een ruimhartige overheid die de
'JSF-industrie' met enkele honderden miljoenen euro's steunt.
Dat dat een inefficiënte besteding van overheidsgeld is, berekende het
Centraal Planbureau al in oktober 2001. Een onderzoek voor het
Amerikaanse parlement liet afgelopen zomer zien dat Canada en Italië
als deelnemers veel beter uit de bus komen dan de Nederlandse
industrie. Dat zou deels te wijten zijn aan de geringe politieke
ruggesteun die men tot dan toe vanuit Den Haag kreeg, maar niet minder
aan de gemakszuchtige houding van het bedrijfsleven zelf. Het hoofd van
de luchtvaartafdeling van "een bekend Nederlands bedrijf" (lees:
Philips) wordt als volgt geciteerd: "Het is de verantwoordelijkheid van
Lockheed Martin om ons werk te bezorgen". Ook klaagt men over
voortrekkerij van Amerikaanse concurrenten. De komende maanden, als de
definitieve werkpaketten vastgesteld worden, zal blijken welke
uitgangspositie de Nederlandse industrie alsnog heeft weten te
veroveren.
Noorwegen, dat ook heeft ingetekend voor de JSF, heeft het geduld al
eerder verloren. In januari maakte het bekend naast de JSF ook weer met
het concurrerende Eurofighter consortium te onderhandelen. De Noren
tonen zich ontevreden over het uitblijven van substantiële orders voor
hun industrie. Een rapport van de Amerikaanse Rekenkamer GAO,
waarschuwt de Amerikaanse regering op te passen voor groeiende
ontevredenheid. Bevoordeling van Amerikaanse bedrijven boven
buitenlandse zou tot het uitstappen van bepaalde landen kunnen leiden.
Duitsland, Zwitserland en België laten juist zien dat niet betalen ook
lonend kan zijn. Zonder deelname aan de JSF zijn bedrijven daar
evengoed in de race voor orders!
Momenteel is er rumoer naar aanleiding van een wetsvoorstel van de
Amerikaanse republikein Hunter. Hij wil met zijn 'Buy American'
wetgeving het gebruik van buitenlandse onderdelen in Amerikaanse
wapensystemen terugdringen van 50 naar maximaal 35 procent. Hoewel het
tot grote kritiek in binnen- en buitenland heeft geleid en de regering
Bush zelfs met een presidentieel veto heeft gedreigd, is het voorstel
kenmerkend voor de wind die door de VS waait. Ook al moet Hunter water
bij de wijn doen, ieder compromis zal de buitenlandse inbreng in de JSF
verder op losse schroeven zetten. Minister Brinkhorst van Economische
Zaken - in een vorig kabinet als landbouwminister tegen de JSF, nu
volgzaam voorstander - reisde in augustus daarom onverwachts naar de
Washington af om zijn bezorgdheid te uiten. Tijdens het bezoek van
Balkenende en De Hoop Scheffer aan de VS begin september kwam dat punt
wederom aan de orde.
Naast de industriële tegenvallers zijn er uiteraard grote morele
bezwaren tegen de aankoop van een nieuw gevechtsvliegtuig. De enige
taak die de opvolger van de F-16 logischerwijs zal krijgen is het
uitvoeren van luchtgevechten en bombardementen tijdens militaire
interventies, net zoals dat de afgelopen jaren gebeurde met F-16's in
Servië en Afghanistan. In plaats van haantje de voorste te zijn als het
gaat om militaire oplossingen voor politieke problemen, zou Nederland
beter kunnen kiezen voor een meer diplomatieke, bemiddelende rol.
Temeer nu Nederlands belangrijkste militaire bondgenoot, de VS, steeds
meer een militair-politieke ramkoers vaart.
Net als de F-16 zal de JSF ook toegerust worden voor het vervullen van
Nederland's nucleaire taak, die het als lid van de NAVO op zich heeft
genomen. De kernbommen die nu op Volkel opgeslagen liggen, kunnen in de
toekomst onder de JSF gehangen worden. Ook omstreden zijn de
Amerikaanse plannen om de JSF met laserwapens uit te rusten. Tegen deze
blindmakende wapens wordt al jaren campagne gevoerd, ondermeer door het
Rode Kruis. Niettemin neemt het aantal militaire programma's dat
gebruik maakt van laserwapens de laatste tijd hand over hand toe.
Ook de positie van Nederland als wapenexporteur is in het geding.
Deelname aan het productieproces betekent dat Nederlandse bedrijven
over enkele jaren bijdragen aan de bouw van JSF's voor andere landen,
zonder nog enige inspraak te hebben in het besluit exporten naar land X
of Y toe te staan. Eerder bestond dat recht in elk geval nog op papier.
In maart 2002 tekenden Nederland en de VS een zogeheten 'Declaration of
Principles'. Deze overeenkomst geeft de Amerikanen alle ruimte om
wapens met Nederlandse onderdelen te verkopen aan derden. De JSF geldt
als 'pilot project' voor dit nieuwe beleid. Gezien het grote aandeel
dat Nederlandse onderdelen voor wapensystemen als de F-16 en de Apache
gevechtshelikopter hebben in de totale Nederlandse wapenexport, wordt
nu langs een sluiproute het wapenexportbeleid deels om zeep geholpen.
Het Nederlandse wapenexportbeleid verbiedt op papier de uitvoer van
militair materieel naar spanningsgebieden en landen met een slechte
naam op het gebied van de mensenrechten, net zo min als naar landen
waar een overmatig deel van de overheidsbegroting naar het leger gaat.
Al die criteria zijn sinds vorig jaar van geen enkele betekenis meer
voor wapenexporten naar de VS. Nu al is duidelijk dat landen als Israël
en Turkije in de nabije toekomst de JSF zullen aanschaffen. Ongeacht de
politieke omstandigheden heeft Nederland nu geen enkel middel meer in
handen om exporten van Nederlandse onderdelen daarvoor tegen te houden.
Met de miljardenbezuinigingen die nu voor deur staan is het zonder meer
bizar dat de JSF volledig buiten schot blijft. Hoewel het beëindigen
van het JSF contract enkele tientallen miljoenen euro's weggegooid geld
betekent, levert het voor de huidige kabinetsperiode een besparing op
van 367 miljoen euro. Ook draait Nederland dan niet op voor de in de
komende jaren te verwachten tegenvallers: stijgende kosten en dalende
orders. Oftewel: beter ten halve gekeerd dan ten hele gedwaald.
Bovendien houdt Nederland zo de handen vrij om pas een keuze te maken
als afstoting van de F-16s daadwerkelijk in zicht komt. Dat duurt nog
zeker een paar jaar. Dan zou ook duidelijk de vraag gesteld moeten
worden waarom Nederland geld moet steken in een luchtmacht met
gevechtsvliegtuigen. Afzien van de JSF zou voor jaren een
miljardenwinst op de begroting betekenen! Nu wordt ten bate van een
handjevol Nederlandse bedrijven industriepolitiek bedreven, die
voorbijgaat aan een gedegen buitenlandspolitieke afweging. Juist met
het huidige solistische optreden in de internationale politiek van de
Amerikanen (en in hun kielzog de Britten), is die discussie relevant.
|
Nederlandse bedrijven die
betrokken zijn
bij de Joint Strike Fighter
|
|
| Bedrijf |
Plaats |
| Urenco Nederland B.V. |
Almelo |
| Perot Systems Nederland B.V. |
Amersfoort |
| St. Nationaal Lucht- en
Ruimtevaarlaboratorium |
Amsterdam |
| Stork Product Engineering B.V. |
Amsterdam |
| Rextroth Hydraudyne B.V. |
Boxtel |
| Van Halteren Metaal B.V. |
Bunschoten |
| RDM Technology Holding B.V. |
Curacao |
| Thales Optronics B.V. |
Delft |
| TNO |
Den Haag |
| Axxiflex Turbine Tools B.V. |
Dordrecht |
| Adimec Advanced Image Systems B.V. |
Eindhoven |
| IFS Netherlands B.V. |
Eindhoven |
| Philips Electronics Nederland B.V. |
Eindhoven |
| Philips Enabling Technologies Group
Nederland
B.V. |
Eindhoven |
| Thales Cryogenics B.V. |
Eindhoven |
| Thales Munitronics B.V. |
Eindhoven |
| Hankamp Gears B.V. |
Enschede |
| Nederlands Centrum voor Laser
Research |
Enschede |
| SP Aerospace and Vehicle Systems B.V. |
Geldrop |
| Futura Composites B.V. |
Heerhugowaard |
| Bradford Engineering B.V. |
Heerlen |
| Thales Nederland B.V. |
Hengelo |
| Aircraft Development and Systems
Engineering
B.V. |
Hoofddorp |
| Thales Communications B.V. |
Huizen |
| ATOS Origin Engineering Services B.V. |
Leiden |
| Dutch Space B.V. |
Leiden |
| Airborne International B.V. |
Leidschendam |
| Electronic Data Systems (EDS) |
Leidschendam |
| Sergem Engineering B.V. |
Leidschendam |
| Eldim B.V. |
Lomm |
| Sulzer Metco Coatings B.V. |
Lomm |
| Stork N.V. |
Naarden |
| Fokker Aerospace B.V. |
Oude Meer |
| FCS Control Systems B.V. |
Oude Meer |
| Ten Cate Advanced Composites B.V. |
Nijverdal |
| Senior Aerospace Bosman B.V. |
Rotterdam |
| AMCA Hydraulic Fluid Power B.V. |
Ten Post |
| Nedtech Engineering B.V. |
Uithoorn |
| Askove Kunststof Industrie B.V. |
Veghel |
| Stork Aludra B.V. |
Vlaardingen |
| Baan Nederland B.V. |
Voorthuizen |
| Sun Electric Systems B.V. |
Weesp |
| Schreiner Components B.V. |
Zevenaar |
| Stork Special Products B.V. |
Zwolle |
| Bron:
‘Medefinancieringsovereenkomst JSF’ |
|